SciLogs International .com.be.es.de

Recentste blogposts RSS

Verdwaald in het dieetlandschap?

17. Juli 2012, 11:30

We worden overspoeld met diëten, van het Atkins- tot het Zone-dieet, terwijl dieetgoeroes oude wijsheden en voedingsmythes herkauwen tot moeilijk verteerbare onzin en halve waarheden. Hoe kunnen we uit deze overvloed van dieetadvies nog weten welke diëten nu echt gezond zijn?

Het probleem met de meeste dieetboeken is dat gewichtsverlies hun streefdoel is. Dat is geen goede benadering. Veel interessanter is om diëten te bekijken vanuit het standpunt van de biogerontologie. De biogerontologie is de wetenschap die het verouderingsproces bestudeert. En wie weet waarom we verouderen, kan meteen heel wat dieethypes en zogezegde voedselwijsheden doorzien. Bovendien, een voedingspatroon dat aansluit bij inzichten uit de biogerontologie vermindert drastisch de kans op verouderingsziektes, zoals hart-en vaatziektes, diabetes, botontkalking of dementie. En als leuke bijkomstigheid verlies je gewicht. Daar was het bij de meeste dieetboeken immers om te doen.


   Dankzij biogerontologische inzichten kunnen we ook de langetermijngevolgen van veel diëten beter inschatten. Zo is één van de oorzaken van veroudering het opstapelen van proteïnen (eiwitten) overal in het lichaam. Gedurende de decennia dat ons leven verstrijkt, klonteren eiwitten in en rond onze cellen samen, waardoor deze cellen verstopt geraken, minder goed functioneren en zelfs afsterven. Wanneer eiwitten samenklonteren in onze hersenen, neemt ons geheugen af en krijgen we uiteindelijk dementie. Wanneer dit gebeurt in onze oogcellen, gaat ons zicht achteruit. Hartspiercellen die volgeslibt geraken met proteïnen zorgen ervoor dat ons hart steeds zwakker wordt.

   Hoe meer proteïnen je inneemt, hoe meer dit proces versneld wordt. Kortom, door het verouderingsproces te bestuderen, zie je meteen dat de populaire proteïnediëten à la Atkins, Dukan of dr. Frank niet gezond zijn en het verouderingsproces versnellen. En dat is wat onderzoek ook aantoont. Proefdieren die op proteïne-arme diëten worden gezet verouderen minder snel en leven langer. Rapamycine, één van de weinige stoffen die proefdieren echt langer kan doen laten leven, werkt door net de proteïneproductie in de cellen af te remmen. En elke geneeskundestudent leert op de universiteit dat een te hoge proteïne-inname ongezond is voor nieren, lever en andere organen.
Natuurlijk val je af van deze eiwitrijke diëten, en dat is voor veel mensen een teken dat het een goed dieet is. Maar het gewichtsverlies gebeurt op een ongezonde manier.

 De biogerontologie leert ons dat ook suiker een belangrijke rol speelt in het verouderingsproces. Onderzoekers kunnen wormpjes en muizen verschillende malen langer laten leven door te knoeien met de genen die de suikerhuishouding regelen. Wanneer we teveel suiker eten, gaat het lichaam sneller verouderen. Ondermeer omdat suiker overal in het lichaam gaat kleven, en zo bijvoorbeeld de collageenvezels in onze huid aan elkaar gaat lijmen, waardoor we rimpels krijgen. Maar ook staar, een hoge bloeddruk en andere verouderingsziektes zijn het gevolg van suiker die als een moleculaire plakstift werkt. Vooral producten die snelle suikers bevatten, zoals wit brood, witte rijst of niet-volkorenpasta versnellen het verouderingsproces. Maar ook aardappelen bestaan uit suikers (zetmeel). Vandaar dat de Universiteit van Harvard in zijn nieuwe voedingspiramide aardappelen in de verboden top plaatst, naast snoep en frisdrank. De gezondste diëten zijn diegenen waarin aardappelen, maar ook brood, pasta en rijst drastisch geminderd worden. Cynthia Kenyon, één van ’s wereld meest vooraanstaande onderzoekers naar het verouderingsproces, eet op deze manier, en ‘voelt zich alsof ze terug een tiener is’. Wat in overeenstemming is met de wetenschappelijke studies, die aantonen dat zulke diëten het gezondst zijn.

 En wat met de goede oude vetarme diëten? Die zouden vooral goed zijn tegen hart-en vaatziektes, nietwaar? Vetten worden al decennia lang als de boosdoeners beschouwd die onze bloedvaten doen dichtslibben en onze cholesterol verhogen. Onderzoek toont echter anders aan. Niet zozeer vetten, maar vooral suikers veroorzaken hart-en vaatziekten. En dan zeker de snelle suikers, met als koplopers de frisdranken, die eigenlijk vloeibare suikers zijn. Wie één frisdrank per dag drinkt, heeft 43 procent  meer kans op een hartaanval en verdubbelt zijn risico op diabetes, een ziekte die zelf de kans op een hartaanval vier keer groter maakt. Veel voedseladviezen houden geen rekening met het feit dat er ook goede vetten bestaan, die zich bijvoorbeeld in vette vis, zwarte chocolade of noten bevinden. Twee keer per week vette vis eten, vermindert de kans op een hartaanval met 40 procent volgens grote onderzoeken. Een onderzoek bij 120 000 vrouwen toonde aan dat een handvol walnoten per dag de kans op een hartaanval met bijna de helft verminderde. En een onderzoek bij 140 000 personen toonde aan dat chocolade de kans op hart-en vaatziektes 37% kleiner maakt.

   En zo komen we bij de grote tragedie van populaire diëten. De meeste diëten trekken altijd bepaalde caloriegroepen voor of raden er juist af. Er zijn drie caloriegroepen: suikers (koolhydraten), proteïnen (eiwitten) en vetten. Volgens het Atkinsdieet moet je vooral veel eiwitten eten en moet je de suikers minderen. Volgens het paleodieet moet je vooral eiwitten nuttigen, terwijl de ‘hartvriendelijke’ vetarme diëten de vetten terugschroeven. Maar niet zozeer de caloriegroepen zijn van belang; wel de vorm waaronder die caloriegroepen worden aangeleverd. Suikers zijn zowel gezond als ongezond. Ze zijn gezond onder de vorm van fruit of zetmeelrijke groenten, maar ongezond onder de vorm van aardappelen of frisdrank. Vetten zijn zowel gezond als ongezond. Ze zijn gezond onder de vorm van omega-3 rijke vette vis en noten, maar ongezond onder de vorm van cakes en koekjes. Idem voor de eiwitten.

Met de hedendaagse overvloed aan diëten en voedingsadvies is het moeilijk te weten wat nu nog gezond is, vooral wat de lange termijn betreft. Dankzij inzichten in het verouderingsproces kunnen we beter inschatten hoe gezond of ongezond bepaalde voeding en voedingspatronen zijn. En dan blijken de meeste diëten en voedingsadviezen door de mand te vallen. Van proteïnediëten die het verouderingsproces versnellen, tot de meeste antioxidanten die niet werken: het zijn schijnoplossingen die op lange termijn meestal net het omgekeerde bewerkstelligen. Wie gezond en lang wil leven, doet er goed aan de Cynthia Kenyons van de wereld te volgen, en niet de dieetgoeroes en de proteïneshakeverkopers die enkel gewichtsverlies in het achterhoofd houden. 



Kris Verburgh is arts en doet onderzoek naar het verouderingsproces. Hij is auteur van de bestseller ‘De voedselzandloper’ (www.voedselzandloper.com





Geschreven in Geneeskunde | 1 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Comateus, vegetatief, minimaal bewust of nog iets anders?

02. Mei 2010, 11:12

Er zijn twee belangrijke soorten van coma-achtige, 'bewustloosheids'-toestanden waarin patienten zich kunnen bevinden na bijvoorbeeld een zwaar verkeersongeluk. Er is enerzijds de minimally conscious state, en anderzijds de vegetatieve toestand.

Deze twee toestanden lijken meestal goed op elkaar, maar in de minimally conscious state is het mogelijk dat de patient na vele weken of maanden ontwaakt, terwijl mensen in een vegetatieve staat meestal niet meer herstellen en uiteindelijk sterven. Deze twee toestanden verschillen van coma in de zin dat de patient zijn ogen kan openen (hij is dus wakker, maar niet echt bewust), en dat er waak-en slaapcycli zijn. Dit komt niet voor bij coma.

Er is een nu nieuwe test gevonden om te achterhalen of dat mensen zich in een minimally conscious state of een vegetatieve toestand bevinden.

De test is verradelijk eenvoudig. Men laat een belletje rinkelen, en vervolgens blaast men lucht in de ogen van de patient, waardoor die met zijn ogen knippert. Na verloop van tijd zal de patient al met zijn ogen knipperen vanaf hij het belletje hoort. Een soort van schijnbare Pavlov reactie dus.

Maar niet helemaal. Tussen het belletje en het pufje wind zitten 500 milliseconden. Dat is te lang voor een Pavloviaanse reflex. Maw: wil de patient 'leren' dat er een windstoot volgt na het belletje en dat hij best met zijn ogen kan knipperen, dan moet hij over een soort van primitief bewustzijn beschikken dat lang genoeg kan onthouden dat het belletje gevolgd wordt door een oculaire windstoot. Kortom, de patienten die leren om op voorhand hun ogen te sluiten zouden toch minimaal bewust zijn.

Dankzij deze test kan men met 86 procent zekerheid voorspellen wie ooit nog uit zijn coma-achtige toestand zal geraken en wie niet.

Kris Verburgh

Follow Krisverburgh on Twitter

 

 

 



Geschreven in Geneeskunde | 0 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Parasieten en u

04. Oktober 2009, 10:42

Arme kikkers in Californië worden geplaagd door parasieten:

 

De parasiet is de ankerworm, die via de kieuwen het kikkervisje binnendringt en dan ervoor zorgt dat ogen en ledematen zich niet naar behoren kunnen ontwikkelen.

Maar niet enkel kikkers hebben te lijden onder parasieten. De laatste jaren zijn bijenkolonies gedecimeerd door een vreemde parasiet die hun immuunsysteem lijkt aan te tasten. En ook mensen worden continu belaagd door parasieten, of het nu virussen, eencelligen organismen of schimmels zijn.

Iedereen draagt op zijn huid de schimmel Malassezia globosa mee, die wanneer het immuunsysteem verzwakt een wit-roze uitslag kan geven. Nagenoeg iedereen is besmet met het herpes virus, dat soms koortsblaasjes geeft bij vermoeidheid, maar dat meestal tientallen jaren ligt te soezen in de zenuwknopen van de gezichtszenuwen. Bijna iedereen is besmet met het cytomegalievirus (CMV), dat na vele tientallen jaren het immuunsysteem uitput, zodat bejaarde mensen kunnen overlijden aan een banaal griepje of een longontsteking.

En uiteraard zouden we bijna vergeten dat grote gedeeltes van ons DNA bestaan uit viraal DNA, dat zo erin slaagt al miljoenen jaren mee te liften. Er zijn wetenschappers die geloven dat heel wat genetische diversiteit is veroorzaakt door virussen, die stukken DNA van de ene soort overzetten naar de andere soort via infectie. Dus buiten de occasionele koortsblaasjes en jeukende schimmels kunnen parasieten toch nog voor iets nuttig zijn...



Geschreven in Geneeskunde | 0 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Een baby die niet ouder wordt

30. Juni 2009, 11:47

Brooke is een 16 jarige meisje dat er nog uitziet als een baby. Ze heeft een genetisch aandoening die haar verhindert te verouderen. Zoals vaak het geval is bij drastische genetische mutaties zijn er ook een heleboel andere afwijkingen zoals epileptische aanvallen, tumoren, beroertes, ademhalingsproblemen enzovoort. 

Er zijn ook aandoeningen die net het omgekeerde van een 'eeuwige jeugd' zijn: versnelde veroudering. 12-jarigen met de ziekte van Hutchinson-Gilford (progeria) zijn kaal, hebben artritis, dichtslippende bloedvaten, een gerimpelde huid en andere ouderdomskwalen. Vaak worden dit soort ziektes veroorzaakt door mutaties in eiwitten die zorgen voor de stabiliteit of de reparatie van het DNA. 

Het filmpje onderaan is van toen Brooke nog 12 jaar oud was: 

   



Geschreven in Geneeskunde | 1 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Is dementie onafwendbaar?

26. Juni 2009, 21:07

 

 

Vanaf 70 jaar verdubbelt elke vijf jaar de kans om dement te worden. 1 op 3 vijftentachtig plussers is dement. Dat is vrij verontrustend. Maar eerst en vooral: wat is dementie eigenlijk?

De drie belangrijkste oorzaken voor dementie zijn (in volgorde van voorkomen):

1. Alzheimer (omvat ruwweg 50 procent van de dementies)

2. Vasculaire dementie 

3. Diffuse Lewy Body Disease (DLBD). 

Vasculaire dementie en DLBD zouden ongeveer even veel voorkomen (elk rond de twintig procent volgens de laatste onderzoeken).

Alzheimer en DLBD zijn het gevolg van samenklonterende proteinen. Die proteineklonters stapelen zich op in en rond de zenuwcellen en verhinderen zo dat de cel nog zijn werk kan doen, zodat de zenuwcellen vervolgens afsterven. Bij Alzheimer klonteren in de cel vooral Tau-proteinen samen, die in normale toestand het celskelet van de zenuwcellen stabiliseren. Bovendien klonteren ook buiten de zenuwcellen eiwitten samen, die dan de zogenaamde Amyloid Beta plaques vormen.

Bij DLBD klonteren vooral eiwitten samen die een rol spelen bij het lossen van blaasjes doorheen de celwand en eiwitten die andere proteinen merken voor afbraak.

Nu kan u zich afvragen waarom die eiwitten zich opstapelen en samenklonteren. De oorzaak weet men nog niet. Men heeft het vermoeden dat de lysosomen in de hersencellen een grote rol spelen. Lysosomen zijn 'de magen' van de cel: zij verteren al het versleten celmateriaal.

En dan hebben we nog vasculaire dementie. Die duizenden kilometers aan bloedvaten die door onze hersenen lopen verstoppen langzaamaan naarmate we ouder worden. Zo kunnen in het brein overal mini-infarctjes ontstaan, die er dan voor zorgen dat mensen trager gaan denken en uiteindelijk dement worden.

De vraag is nu nog altijd: is dementie echt een ziekte, of een onafwendbaar gevolg van het ouder worden?

 

 

 



Geschreven in Geneeskunde | 1 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Kinderen moeten (veel) spelen

14. Maart 2009, 15:54

Spelen is belangrijk! Vooral als je nog heel jong bent. Onderzoek wees uit dat één op de drie jongeren die voor hun 24 jaar in contact waren gekomen met het gerecht naar een kleuterschool gingen waar weinig nadruk gelegd werd op spelen, en veel nadruk op lessen en andere opgelegde activiteiten. Dit in tegenstelling tot één op tien jongeren die naar een kleuterklas gingen waar ze veel mochten spelen.

Nu, dit onderzoek riekt wel wat naar 'bias' ('een verkeerd studieopzet': misschien zijn de ouders die hun kinderen sturen naar 'vrijere' en 'creatievere' kleuterklassen ook van betere milieus bijvoorbeeld), maar toch wijst heel wat onderzoek uit dat spelen een belangrijke invloed heeft op de ontwikkeling van mensenkinderen, en ratten, muizen en honden enzovoort.

Deze inzichten zijn misschien niet onbelangrijk nu steeds meer ouders hun kinderen vaste activiteiten opleggen, van peuters die al met een computer wiskundesommetjes moeten oplossen tot kleuters die viool moeten leren spelen of taallessen volgen.

  



Geschreven in Geneeskunde | 1 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Obesitas: wie zijn schuld?

20. Februari 2009, 17:01

Dikke mensen worden maar al te vaak verweten dat het hun eigen schuld is dat ze dik zijn. Ze eten immers teveel.

Uit ondermeer tweelingonderzoek blijkt dat ons gewicht voor 50 à 90 procent genetisch vastligt.

Zo zijn er bijvoorbeeld mensen met een mutatie in het leptine-gen. Leptine is een hormoon dat door vetcellen afgescheiden wordt en dat ervoor zorgt dat we verzagdigd zijn op het einde van een maaltijd. Mensen met een mutatie in het leptine-gen geraken bijna niet verzadigd wanneer ze eten. Ze eten continu grote hoeveelheden, waardoor ze heel dik worden.

Ik herinner me een documentaire over een vrouw die was gediagnosticeerd met deze mutatie. Ze zei dat als ze mocht kiezen tussen de lotto winnen en het weten dat ze deze mutatie had, ze voor dit laatste zou kiezen. Nu was ze eindelijk van een bijna ondraaglijk schuldgevoel verlost.

Uiteraard spelen fastfood, frisdranken, frisco’s en ander hoogcalorisch voedsel en vooral hun overaanbod in onze maatschappij ook een grote rol. Maar nagenoeg iedereen eet hoogcalorisch voedsel, ook de mensen die mager blijven. Het zijn diegenen met een ‘minder goede’ metabole genetische bagage die dik worden. Ik schrijf ‘minder goed’ tussen aanhalingstekens, omdat de obesen van vandaag misschien de grote overlevers waren van vijftigduizend jaar geleden, omdat hun lichamen veel beter schaarse calorieën konden opslaan.

In ieder geval, als dunne mens verwijten dat mensen te dik zijn is gemakkelijk als je zelf werd geboren met vetcellen die netjes leptine, adiponectine, interleukine-6, visfatine, enz. afgeven.

Geschreven in Geneeskunde | 3 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Kleuren zien

23. September 2008, 15:20

Gele zonnebloemen, groene grasvelden, de staalblauwe lucht. Al de kleuren die we kunnen waarnemen zijn opgebouwd uit drie basiskleuren: rood, groen en blauw. We kunnen deze kleuren waarnemen omdat er in onze 250 miljoen oogcellen drie soorten eiwitten zitten, die elk gespecialiseerd zijn in het opvangen van rood, groen of blauw licht. Uit deze drie basiskleuren kunnen alle andere kleuren gemengd worden, zoals oranje, wit, bruin, turkoois, enzovoort. We zien bijvoorbeeld geel omdat zowel een rood en groen kleureiwit geprikkeld wordt (rood en groen mengen geeft geel).

Het vermogen om kleuren te zien heeft een hele evolutionaire geschiedenis achter de rug. Lang geleden, zo’n 250 miljoen jaar ongeveer, toen de aarde begroeid was met tropische wouden en er van zoogdieren nog geen sprake was, beschikten onze verre voorlopers over het vermogen om vier kleuren te zien: rood, blauw, groen en een kleur die we ons niet kunnen voorstellen. Maar toen de eerste zoogdieren ontstonden, verloren deze wezens twee soorten kleur-eiwitten, zodat ze enkel nog blauw en rood zagen.

Dit verlies van kleurenzien kwam omdat zoogdieren vaak ’s nachts leefden, in de schaduw van de dinosauriërs die gedurende 160 miljoen jaar de heerschappij op aarde zouden hebben. Na het uitsterven van de dinosauriërs, zo’n 65 miljoen jaar geleden, gingen sommige van deze zoogdieren vooral in de bomen leven, tussen de groene bladeren, en zij kregen via een mutatie terug het vermogen om groen te zien. Dit gebeurde zo’n 40 miljoen jaar geleden.

Wij stammen van deze aapachtige wezens af, zodat we vandaag de dag volop kunnen genieten van de groene grasvelden, gele zonnebloemen en een azuurblauwe zee. Maar vogels hebben een heel andere evolutionaire geschiedenis achter de rug. Zij hebben nog een extra kleureiwit zodat ze in totaal vier basiskleuren kunnen waarnemen. Zodat hun wereld nog oneindig veel meer kleurenpracht telt, met kleuren die we ons nog eens niet kunnen voorstellen.



Geschreven in Geneeskunde | 8 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Ziekte en evolutie

29. Augustus 2008, 11:25

‘Het nut van ziekte’ van Sharon Moalem is een bijzonder boeiend boek dat gaat over de invloed van evolutie op ziekte. 

Zo is hemochromatose een erfelijke ziekte die vaak voorkomt in het westen (1 op tien is drager van de mutatie die de ziekte veroorzaakt, en de ziekte komt voor bij 0,5% van de bevolking). Hemochromatose maakt dat je overal in je lichaam ijzer stapelt, behalve in de witte bloedcellen. Hierdoor zijn mensen met hemochromatose beter bestand tegen bacteriën die de witte bloedcellen infecteren. Bacteriën zijn immers dol op ijzer (één van de zaken die het lichaam doet bij een infectie is het ijzergehalte in het bloed verlagen). 

De oorspronkelijke hemochromatose-mutatie werd door de Vikings naar Europa gebracht, en raakte dan drastisch verspreid onder de Europese bevolking. Dit kwam omdat tijdens de grote pestepidemie van 14de eeuw (waaraan 1/3de tot 1/2de van de Europese bevolking stierf), de dragers van de hemochromatose-mutatie meer kans hadden om een besmetting met pest-bacteriën te overleven. Deze bacteriën infecteren immers vooral de witte bloedcellen, en konden zich daar minder te goed doen aan ijzer. 

Een gelijkaardig verhaal is dat van sikkelcelanemie, een bloedziekte die veel voorkomt in gebieden waar ook veel malaria heerst. Bij malaria worden immers de rode bloedcellen door een parasiet geïnfecteerd. Genen die leiden tot sikkelcelanemie maken dragers meer resistent tegen een infectie met malaria. 

‘Het nut van ziekte’ handelt ook over type I diabetes, dat meer voorkomt in Scandinavische landen, waarschijnlijk omdat een hoog glucosegehalte in het bloed ondermeer als een soort van antivriesmiddel werkt (boskikkers die zichzelf invriezen tijdens de winter pompen zichzelf vol met glucose, tot 200 keer de normale concentratie, en ratten die blootgesteld worden aan koude krijgen sneller suikerziekte, enzovoort). 

En de recente epidemie van obesitas zou volgens Sharon Moalem niet enkel te wijten zijn aan de inactiviteit van kinderen en omdat kinderen ongezonde voeding eten. Het feit dat moeders tijdens de zwangerschap te ongezond eten (veel suikers en vetten, en weinig vitaminen en andere noodzakelijke voedingsstoffen), maakt dat de cellen van het embryo denken dat ze zich in een ‘moeilijke omgeving’ bevinden. Het embryo ontwikkelt zich dan zodanig dat het een spaarzame stofwisseling heeft. Dat wil zeggen dat kinderen met een dergelijke stofwisseling meer energie opslaan, en ze dus de neiging hebben om dikker te worden. 

Dit noemen we trouwens epigenetica: de leefgewoontes van ouders kunnen via DNA doorgegeven worden aan de kinderen. Nu zijn resultaten omtrent de epigenetica nog altijd wat controversieel, en in de komende jaren zal hierover meer duidelijkheid verschaft worden. 

Kortom, ‘Het nut van ziekte’ is een interessant boek dat aantoont hoe verweven al het leven is en hoe miljarden jaren evolutie dat leven op elkaar afstemde.



Geschreven in Geneeskunde | 0 Reacties | Vaste link | Afdrukken