SciLogs International .com.be.es.de

Recentste blogposts RSS

Verdwaald in het dieetlandschap?

17. Juli 2012, 11:30

We worden overspoeld met diëten, van het Atkins- tot het Zone-dieet, terwijl dieetgoeroes oude wijsheden en voedingsmythes herkauwen tot moeilijk verteerbare onzin en halve waarheden. Hoe kunnen we uit deze overvloed van dieetadvies nog weten welke diëten nu echt gezond zijn?

Het probleem met de meeste dieetboeken is dat gewichtsverlies hun streefdoel is. Dat is geen goede benadering. Veel interessanter is om diëten te bekijken vanuit het standpunt van de biogerontologie. De biogerontologie is de wetenschap die het verouderingsproces bestudeert. En wie weet waarom we verouderen, kan meteen heel wat dieethypes en zogezegde voedselwijsheden doorzien. Bovendien, een voedingspatroon dat aansluit bij inzichten uit de biogerontologie vermindert drastisch de kans op verouderingsziektes, zoals hart-en vaatziektes, diabetes, botontkalking of dementie. En als leuke bijkomstigheid verlies je gewicht. Daar was het bij de meeste dieetboeken immers om te doen.


   Dankzij biogerontologische inzichten kunnen we ook de langetermijngevolgen van veel diëten beter inschatten. Zo is één van de oorzaken van veroudering het opstapelen van proteïnen (eiwitten) overal in het lichaam. Gedurende de decennia dat ons leven verstrijkt, klonteren eiwitten in en rond onze cellen samen, waardoor deze cellen verstopt geraken, minder goed functioneren en zelfs afsterven. Wanneer eiwitten samenklonteren in onze hersenen, neemt ons geheugen af en krijgen we uiteindelijk dementie. Wanneer dit gebeurt in onze oogcellen, gaat ons zicht achteruit. Hartspiercellen die volgeslibt geraken met proteïnen zorgen ervoor dat ons hart steeds zwakker wordt.

   Hoe meer proteïnen je inneemt, hoe meer dit proces versneld wordt. Kortom, door het verouderingsproces te bestuderen, zie je meteen dat de populaire proteïnediëten à la Atkins, Dukan of dr. Frank niet gezond zijn en het verouderingsproces versnellen. En dat is wat onderzoek ook aantoont. Proefdieren die op proteïne-arme diëten worden gezet verouderen minder snel en leven langer. Rapamycine, één van de weinige stoffen die proefdieren echt langer kan doen laten leven, werkt door net de proteïneproductie in de cellen af te remmen. En elke geneeskundestudent leert op de universiteit dat een te hoge proteïne-inname ongezond is voor nieren, lever en andere organen.
Natuurlijk val je af van deze eiwitrijke diëten, en dat is voor veel mensen een teken dat het een goed dieet is. Maar het gewichtsverlies gebeurt op een ongezonde manier.

 De biogerontologie leert ons dat ook suiker een belangrijke rol speelt in het verouderingsproces. Onderzoekers kunnen wormpjes en muizen verschillende malen langer laten leven door te knoeien met de genen die de suikerhuishouding regelen. Wanneer we teveel suiker eten, gaat het lichaam sneller verouderen. Ondermeer omdat suiker overal in het lichaam gaat kleven, en zo bijvoorbeeld de collageenvezels in onze huid aan elkaar gaat lijmen, waardoor we rimpels krijgen. Maar ook staar, een hoge bloeddruk en andere verouderingsziektes zijn het gevolg van suiker die als een moleculaire plakstift werkt. Vooral producten die snelle suikers bevatten, zoals wit brood, witte rijst of niet-volkorenpasta versnellen het verouderingsproces. Maar ook aardappelen bestaan uit suikers (zetmeel). Vandaar dat de Universiteit van Harvard in zijn nieuwe voedingspiramide aardappelen in de verboden top plaatst, naast snoep en frisdrank. De gezondste diëten zijn diegenen waarin aardappelen, maar ook brood, pasta en rijst drastisch geminderd worden. Cynthia Kenyon, één van ’s wereld meest vooraanstaande onderzoekers naar het verouderingsproces, eet op deze manier, en ‘voelt zich alsof ze terug een tiener is’. Wat in overeenstemming is met de wetenschappelijke studies, die aantonen dat zulke diëten het gezondst zijn.

 En wat met de goede oude vetarme diëten? Die zouden vooral goed zijn tegen hart-en vaatziektes, nietwaar? Vetten worden al decennia lang als de boosdoeners beschouwd die onze bloedvaten doen dichtslibben en onze cholesterol verhogen. Onderzoek toont echter anders aan. Niet zozeer vetten, maar vooral suikers veroorzaken hart-en vaatziekten. En dan zeker de snelle suikers, met als koplopers de frisdranken, die eigenlijk vloeibare suikers zijn. Wie één frisdrank per dag drinkt, heeft 43 procent  meer kans op een hartaanval en verdubbelt zijn risico op diabetes, een ziekte die zelf de kans op een hartaanval vier keer groter maakt. Veel voedseladviezen houden geen rekening met het feit dat er ook goede vetten bestaan, die zich bijvoorbeeld in vette vis, zwarte chocolade of noten bevinden. Twee keer per week vette vis eten, vermindert de kans op een hartaanval met 40 procent volgens grote onderzoeken. Een onderzoek bij 120 000 vrouwen toonde aan dat een handvol walnoten per dag de kans op een hartaanval met bijna de helft verminderde. En een onderzoek bij 140 000 personen toonde aan dat chocolade de kans op hart-en vaatziektes 37% kleiner maakt.

   En zo komen we bij de grote tragedie van populaire diëten. De meeste diëten trekken altijd bepaalde caloriegroepen voor of raden er juist af. Er zijn drie caloriegroepen: suikers (koolhydraten), proteïnen (eiwitten) en vetten. Volgens het Atkinsdieet moet je vooral veel eiwitten eten en moet je de suikers minderen. Volgens het paleodieet moet je vooral eiwitten nuttigen, terwijl de ‘hartvriendelijke’ vetarme diëten de vetten terugschroeven. Maar niet zozeer de caloriegroepen zijn van belang; wel de vorm waaronder die caloriegroepen worden aangeleverd. Suikers zijn zowel gezond als ongezond. Ze zijn gezond onder de vorm van fruit of zetmeelrijke groenten, maar ongezond onder de vorm van aardappelen of frisdrank. Vetten zijn zowel gezond als ongezond. Ze zijn gezond onder de vorm van omega-3 rijke vette vis en noten, maar ongezond onder de vorm van cakes en koekjes. Idem voor de eiwitten.

Met de hedendaagse overvloed aan diëten en voedingsadvies is het moeilijk te weten wat nu nog gezond is, vooral wat de lange termijn betreft. Dankzij inzichten in het verouderingsproces kunnen we beter inschatten hoe gezond of ongezond bepaalde voeding en voedingspatronen zijn. En dan blijken de meeste diëten en voedingsadviezen door de mand te vallen. Van proteïnediëten die het verouderingsproces versnellen, tot de meeste antioxidanten die niet werken: het zijn schijnoplossingen die op lange termijn meestal net het omgekeerde bewerkstelligen. Wie gezond en lang wil leven, doet er goed aan de Cynthia Kenyons van de wereld te volgen, en niet de dieetgoeroes en de proteïneshakeverkopers die enkel gewichtsverlies in het achterhoofd houden. 



Kris Verburgh is arts en doet onderzoek naar het verouderingsproces. Hij is auteur van de bestseller ‘De voedselzandloper’ (www.voedselzandloper.com





Geschreven in Geneeskunde | 1 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Watson: een supercomputer met verstand.

27. Maart 2011, 13:02

Watson is de eerste computer die de twee beste Jeopardy spelers van de VS versloeg. Jeopardy is een quiz waarbij enkele beknopte hints gegeven worden en waarop dan een antwoord wordt verwacht.

Dit soort vragen is uiterst moeilijk voor een computer om te beantwoorden, omdat je de betekenis en de context van de woorden moet inschatten om de vraag te kunnen beantwoorden. Een machine moet dus taal begrijpen, waarbij elk woord afhankelijk van de context zijn eigen unieke betekenis krijgt. Maar Watson kreeg het voor elkaar en versloeg zijn twee menselijke mededingers. En won hiermee 77 000 dollar.

En uiteraard is dit nog maar het begin voor Watson. Want de ingenieurs die Watson bouwden willen de computer nu zodanig ontwerpen dat hij ook kan graven in alle medische kennis waarover de mensheid beschikt. Die kennis zit in duizelingwekkend grote databases opgeslagen en er is geen enkele dokter die deze kennis kan bevatten. Hierdoor zou Watson diagnoses kunnen stellen en verbanden zien die geen enkele sterveling kan zien. Naast medische kennis kan Watson bijvoorbeeld ook volgeladen worden met juridische data en zo uit een zee van wetteksten en clausules en koninklijke besluiten toch verbanden ontwaren om juridische kwesties op te lossen.

Nu neemt Watson nog een ruime kamer in beslag, en zijn koelingssysteem eveneens, maar binnen enkele decennia zou hij in broekzak kunnen passen. Of misschien al veel vroeger.


 

 



Geschreven in Wetenschap | 0 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Het universum ontstond uit het alles

03. Oktober 2010, 10:31

Onlangs had ik een discussie met een wetenschapper. Ik had hem gevraagd wat hij het grootste wetenschappelijke raadsel vindt. Zijn antwoord: ‘Waarom is er iets in plaats van niets?’


Het is één van de grootste filosofische vragen die er bestaan: ‘Waarom er iets is in plaats van niets?’. Hiermee bedoelen we niet waarom er een universum is. Daar bestaan mogelijke verklaringen voor. Universa zoals het onze kunnen ontstaan in een hogerdimensionale ruimte: een ruimte buiten ons heelal die nog meer dimensies telt dan onze vier dimensies. Veel fysici stellen zich immers een soort multiversum voor, een hogerdimensionale ruimte waarin continu universa ontstaan en vergaan. Ons universum is één van deze universums.

Maar de vraag blijft: Waarom is er iets? Waarom is er een universum, of beter gezegd, een multiversum? Waarom is niet gewoonweg Niets: geen tijd, geen ruimte, geen ‘plek’ waarin of waaruit universa kunnen ontstaan.

Maar misschien is dit een verkeerde vraag. En bestaat het Niets gewoonweg niet. En is er altijd al iets geweest. Het multiversum kan er altijd al geweest zijn. Het multiversum is eeuwig, maar de universums erin echter niet: ze ontstaan met een big bang en vergaan in een eindkrak of verdampen na een schijnbare eeuwigheid.

Wetenschappelijke ontdekkingen lijken inderdaad aan te tonen dat onze notie van het absolute niets bedrog is. Lege ruimte is nog gevuld met ‘vacuümfluctuaties’: deeltjes die kortstondig uit het niets ontstaan. En Einstein heeft aangetoond dat de ijle lege ruimte kan kronkelen en krommen als een slang.

Maar waar zou dan onze illusie van dat absolute ‘Niets’ vandaan komen?

Waarschijnlijk omwille van ons bewustzijn. Wij mensen denken dat het Niets bestaat omdat we bewuste wezens zijn. Als er geen bewustzijn is, zoals in een diepe slaap of wanneer we knock-out worden geslagen of op de operatietafel liggen, dan is er echt Niets: geen gedachten, geen gevoelens, geen tijd, geen ruimte.

Daarom denken we dat het Niets ook echt buiten ons hoofd moet bestaan en stellen we ons de vraag waarom er iets is, in plaats van niets. Maar het antwoord kan zijn dat het Niets gewoonweg niet bestaat. Het multiversum is eeuwig en eindeloos uitgestrekt en het niets bestaat enkel in ons hoofd. Er was altijd al iets.

Het universum ontstond aldus niet uit het niets, maar uit het alles.


Volg Kris Verburgh op Twitter:
Follow Krisverburgh on Twitter



Geschreven in Wetenschap | 9 Reacties | Vaste link | Afdrukken


En laat er leven zijn

24. Mei 2010, 12:14


Voor het eerst in de geschiedenis heeft de mens een organisme gemaakt dat volledig artificeel DNA bevat.

Het gaat om een bacterie waarvan onderzoekers het DNA in het labo hebben gemaakt. De volgorde van meer dan een miljoen DNA baseparen bevond zich eerst in een computer, en deze sequentie werd dan bouwsteen voor bouwsteen aan elkaar gelast tot een volwaardig artificieel genoom, dat dan werd ingeplant in een 'lege' bacteriele cel. De synthetische organismen leefden en konden zich voortplanten, net zoals gewone bacteriën.

In het artificiele DNA van de bacterie hebben de onderzoekers ook enkele 'handtekeningen' achtergelaten. Zo bevinden zich gecodeerd in het DNA van de bacterie de namen van alle 46 onderzoekers, enkele quotes van James Joyce, de fysicus Richard Feynman en J. Robert Oppenheimer, en een URL waar iedereen die de code kan ontcijferen naar kan mailen.

Lang zal die code niet in deze bacteriën aanwezig blijven, gezien bacteriën erom gekend zijn om alle onnodige DNA balast overboord te gooien. Bacteriën moeten zich immers bliksemsnel vermenigvuldigen om te overleven, en het kopiëren van nutteloze DNA informatie (hoe mooi een quote van Feynman ook mag zijn) kost onnodige tijd en energie.

 

Bron: Newsweek



Geschreven in Wetenschap | 0 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Comateus, vegetatief, minimaal bewust of nog iets anders?

02. Mei 2010, 11:12

Er zijn twee belangrijke soorten van coma-achtige, 'bewustloosheids'-toestanden waarin patienten zich kunnen bevinden na bijvoorbeeld een zwaar verkeersongeluk. Er is enerzijds de minimally conscious state, en anderzijds de vegetatieve toestand.

Deze twee toestanden lijken meestal goed op elkaar, maar in de minimally conscious state is het mogelijk dat de patient na vele weken of maanden ontwaakt, terwijl mensen in een vegetatieve staat meestal niet meer herstellen en uiteindelijk sterven. Deze twee toestanden verschillen van coma in de zin dat de patient zijn ogen kan openen (hij is dus wakker, maar niet echt bewust), en dat er waak-en slaapcycli zijn. Dit komt niet voor bij coma.

Er is een nu nieuwe test gevonden om te achterhalen of dat mensen zich in een minimally conscious state of een vegetatieve toestand bevinden.

De test is verradelijk eenvoudig. Men laat een belletje rinkelen, en vervolgens blaast men lucht in de ogen van de patient, waardoor die met zijn ogen knippert. Na verloop van tijd zal de patient al met zijn ogen knipperen vanaf hij het belletje hoort. Een soort van schijnbare Pavlov reactie dus.

Maar niet helemaal. Tussen het belletje en het pufje wind zitten 500 milliseconden. Dat is te lang voor een Pavloviaanse reflex. Maw: wil de patient 'leren' dat er een windstoot volgt na het belletje en dat hij best met zijn ogen kan knipperen, dan moet hij over een soort van primitief bewustzijn beschikken dat lang genoeg kan onthouden dat het belletje gevolgd wordt door een oculaire windstoot. Kortom, de patienten die leren om op voorhand hun ogen te sluiten zouden toch minimaal bewust zijn.

Dankzij deze test kan men met 86 procent zekerheid voorspellen wie ooit nog uit zijn coma-achtige toestand zal geraken en wie niet.

Kris Verburgh

Follow Krisverburgh on Twitter

 

 

 



Geschreven in Geneeskunde | 0 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Waarom stierf de Neanderthaler uit?

24. Januari 2010, 17:25

De Neanderthaler was een zustersoort van de mens, die leefde van ongeveer 250.000 jaar geleden tot 30.000 jaar geleden in Europa.

Europa werd toen geplaagd door ijstijden waarbij de toendra reikte tot in de Lage Landen en kille steppevlaktes rondom de Middellandse zee lagen.

Tot enkele jaren geleden waren er twee grote theorieën omtrent het uitsterven van de Neanderthaler. Volgens de ene theorie vermengde het DNA van de Neanderthaler zich met menselijk DNA via onderlinge voortplanting, zodat het Neanderthaler DNA opgenomen werd in de menselijke populatie. De ander theorie was minder romantisch: de mens, die zo’n 40.000 jaar geleden Europa koloniseerde vanuit Afrika, verjoeg de Neanderthaler en dreef hem tot extinctie.

Onderzoek lijkt echter aan te tonen dat we geen DNA gemeen hebben met de Neanderthaler, en dat er ook geen redenen zijn om aan te nemen dat Homo sapiens de Neanderthaler uitroeide.

Maar er kunnen ook meer genuanceerde theorieën zijn. Zoals de volgende theorie, die het uitsterven van de Neanderthaler wijdt aan het anders functioneren van zijn mitochondriën.

NEANDERTHALER-METABOLOLISME
Onderzoek toonde aan dat het energieverbruik (metabolisme) van een Neanderthaler hoger is dan van een mens. Wetenschappers verklaarden dit vooral met de lichaamsbouw van de Neanderthaler: omdat hij kleiner en meer gedrongen van bouw was, verbruikte hij meer energie (hij moest bijvoorbeeld meer stappen nemen om dezelfde afstand af te leggen vergeleken met een mens).

Maar met metabolisme van de Neanderthaler kon ook hoger liggen omdat zijn mitochondriën anders werkten dan die van een mens, met bepaalde gevolgen die tot zijn uitsterven konden leiden.
 

Mitochondriën.De mitochondriën zijn kleine langwerpige blaasjes die in onze cellen zitten. In de mitochondriën wordt de energie gemaakt die al onze celfuncties en lichaamsprocessen aandrijft. Zonder mitochondriën geen leven. Onze cellen bevatten gemiddeld enkele honderden mitochondriën.

Mitochondriën hebben twee functies: energie produceren en warmte produceren. Ze produceren energie door ATP moleculen te maken, die kleven aan de eiwitten in onze cellen en zo hun structuur en dus functie veranderen.

Mitochondriën produceren warmte door energie te verspillen, zodat ze harder moeten werken en meer warmte produceren. Dit gebeurt via ‘ontkoppeling'. Er bevinden zich in de wand van de mitochondriën eiwitten in de vorm van een holle cilinder ('ontkoppeling-eiwitten' genaamd), die geopend kunnen worden, waardoor moleculen wegvloeien die de mitochondriën nodig hebben om ATP te genereren. De mitochondriën moeten hierdoor harder werken (zodat ze meer warmte produceren) om dezelfde hoeveelheid ATP te produceren.

Mitochondriën genereren dus naast energie ook warmte. Het is zo dat warmbloedigheid is ontstaan enkele honderden miljoenen jaren geleden. Vergeleken met reptielen hebben zoogdieren twee keer zoveel mitochondria, die ook dubbel zo actief zijn, vooral via ontkoppeling, zodat zoogdieren meer warmte produceren en dus warmbloedig zijn.

Laten we nu terugkomen op de
 Neanderthaler. Die leeft al gedurende vele honderdduizenden jaren in het koude Europa. Hierdoor zal hij wellicht evolutionair aangepast zijn aan de koude. Dit kan gebeuren door meer warmte te produceren door meer ontkoppeling in zijn mitochondriën. Het nadeel is wel dat deze warmteproductie ten koste gaat van energie (ATP)-productie. De Neanderthaler verspilt dus kostbare energie om warm te blijven.

De mens, die zo’n 40 000 jaar geleden vanuit het warme Afrika Europa koloniseerde, heeft minder ontkoppeling in zijn mitochondriën. In Afrika is het immers veel warmer. De mens heeft dus een meer energie-efficiënt metabolisme vergeleken met de Neanderthaler. Dit kan ook verklaren waarom het metabolisme van de Neanderthaler hoger is dan dat van de mens.

Kortom, omdat de Neanderthaler meer energie verspilt omdat hij een sneller metabolisme heeft (door extra ontkoppeling), is hij benadeeld tegenover met de mens. Wat mede kan verklaren waarom de Neanderthaler is uitgestorven: hij heeft meer energie of voedsel nodig afkomstig van dezelfde schaarse voedselbronnen.

Toegegeven, de mens is op zijn beurt ook benadeeld: omdat hij minder mitochondriale ontkoppeling heeft, is hij minder bestand tegen de koude. Maar de mens kon kledij en tenten maken om zich te beschermen tegen de koude, wellicht zelfs beter dan de Neanderthaler, omdat de mens tot nu toe de enige diersoort is die naalden gebruikt om zo fijne kledij te kunnen fabriceren.

Onderzoek toont ook aan dat hedendaagse volkeren die in Siberië leven, meer mitochondriale ontkoppeling en een hoger metabolisme hebben. Als we kijken naar de verspreiding van mitochondriaal DNA, dan zien we dat er in de koude noordelijke gebieden er een strenge selectie is opgetreden van bepaalde mitochondriale genen, alsof het klimaat een invloed heeft op de evolutie en werking van de mitochondriën.

En meer ontkoppeling zou nog een ander nadeel kunnen geven voor de Neanderthaler: meer onvruchtbaarheid, althans vergeleken met de mens. Neanderthaler mitochondriën zijn immers minder efficiënt (ze produceren meer warmte en minder energie of ATP). Spermacellen hebben mitochondriën nodig om zich een weg te banen naar de eicel. Kortom, het sperma van de Neanderthaler zou minder viriel zijn dan dat van de mens, wat ook niet bevorderlijk is voor het voortbestaan.

En voor mensen die het zich zouden afvragen: populaties die wonen in koudere gebieden hebben inderdaad meer last van ‘astenozoospermie’, oftewel minder beweeglijk sperma.


Geschreven in Evolutie | 0 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Is de mens uniek?

15. December 2009, 20:27

Wij mensen denken dat we uniek zijn. Dat we als enige onbehaarde diersoort die rechtop loopt ver uitstijgen boven onze meeste verwante nog levende familieleden zoals de bonobo of de chimpansee.

Maar er hebben veel mensachtige soorten rondgelopen op aarde.

Enige jaren verbaasden wetenschappers de wereld met de ontdekking van de Hobbit, wat leek op een tweede mensachtige soort, die wellicht tot zo’n 18 000 jaar geleden leefde op een Indonesisch eiland. De Hobbit was niet groter dan een meter en had een brein dat drie keer zo klein was als dat van een mens. Toch vervaardigde de Hobbit complexe werktuigen.

De vondst deelde de wetenschappelijke wereld in twee kampen. Volgens sommigen zou het toch om mensen gaan, en niet om een andere mensachtige soort. Deze Hobbit-mensen zouden aan een vreemde ziekte lijden die maakte dat ze op dwergen leken.

Het andere kamp van wetenschappers gelooft dat de Hobbit een andere soort dan de mens is. De Hobbit zou afstammen van de Homo erectus, die van zo’n 2 miljoen jaar geleden tot ongeveer 300 000 jaar geleden leefde. Homo erectus zou er van enige afstand uitzien als een mens: hij was 1m80 lang, liep fier rechtop en had een onbehaarde huid. Van dichtbij zou men nog wat aapachtige trekken kunnen ontwaren, zoals een vrij platte neus en wat geprononceerde wenkbrauwbogen en een laag voorhoofd.

Maar recente analyses van enkele Hobbit-skeletten brachten nu aan het licht dat de Hobbit zou afstammen van een mensachtige soort nog veel ouder dan Homo erectus. De robuuste brede kaak, het grote bekken en de korte scheenbeenderen van de Hobbit lijken erop te wijzen dat de soort meer verwantschap heeft met Homo habilis. Homo habilis leefte tot zo’n 1,4 miljoen jaar geleden. Het was een behaard wezen dat rechtop liep, en meer op een aap dan op een mens leek.

De Hobbit, de Homo erectus en Homo habilis zijn één van de vele tientallen mensachtige soorten die ooit op aarde rondgelopen hebben. Van al deze soorten blijft er nog maar één over: wij. Onze meest naaste verwanten die vandaag de dag nog leven zijn de chimpansee en de bonobo: behaarde apen voor wie de evolutie leek stil te staan. Wat de illusie creëert dat de mens uniek is het dierenrijk. Maar als we al die uitgestorven mensachtige soorten beschouwen, dan zien we dat de natuur geen uitzondering maakt voor intelligente, met zelfbewustzijn begiftigde diersoorten die complexe werktuigen kunnen maken. Ook Homo sapiens is maar een klein zijtakje van de grote boom van het leven, een takje dat ooit op een stormachtige winterdag zal afknappen en naar beneden tuimelen.



Geschreven in Evolutie | 0 Reacties | Vaste link | Afdrukken


God in het brein of ook erbuiten?

25. November 2009, 20:19


Het zijn interessante tijden voor wetenschappers die religie onderzoeken. Neurotheologen heten ze, en ze vragen zich af waarom mensen in godsnaam zo gelovig zijn.

Waarom geloven mensen? Omdat ze troost nodig hebben? Omdat ze dingen willen verklaren? Dat zijn geen goede antwoorden, gezien het vermogen om te geloven eerst moet ontstaan, om het dan pas als troost of verklaring te kunnen aanwenden.

Als we kijken naar de structuur van onze hersenen, en de miljoenen jaren evolutie die de mens achter de rug heeft, dan zien we enkele interessante neurologische mechanismen die de kiemen van het geloof zaaien.

Onze voorouders leefden gedurende miljoenen jaren in hechte groepen, en ontwikkelden hiervoor speciale cognitieve vermogens. Zoals Theory of Mind (ToM). ToM stelde onze voorouders in staat om continu de intenties van hun groepsgenoten in te schatten en te raden: ‘Wat is hij van plan?’, ‘Is hij te vertrouwen?’, ‘Vinden ze me wel leuk?’.

Het probleem (of het geluk) van onze soort is dat de hersengebieden die zorgen voor ToM in overdrive staan. Daardoor gaan we niet enkel intenties en bedoelingen toeschrijven aan soortgenoten, maar ook aan levensloze zaken. Wanneer we kwaad zijn op onze pc, dan roepen we wel eens dat ‘hij niet wil werken!’, alsof computers een wil hebben en mannelijk zijn. Sommigen geven het ding zelfs een mep, in de kortstondige waan dat computers pijn kunnen voelen. We zeggen dat planten ‘niet willen groeien’, of dat het ‘niet wil regenen’, alsof planten en het weer een wil hebben.

Het was aldus een kleine stap voor onze voorouders om van het bezielde weer met zijn schijnbare intenties tot het idee van weergoden te komen. Hetzelfde gold voor woudgeesten, riviergoden en zonnegoden. Door ToM lijkt de wereld vol met intenties en bedoelingen te zitten; de hele natuur lijkt bezield. Hetzelfde kan gelden voor het hele heelal. De oerknal kon toch niet zomaar gebeuren, zonder reden?

Neurowetenschappers ontdekten dat de hersengebieden die instaan voor ToM ook een rol spelen bij spirituele ervaringen. Een sonde geïmplanteerd in een bepaald ToM-hersengebied wekt out-of-body experiences op. Elke keer wanneer de sonde ingeschakeld wordt, ervaart de patiënt zijn lichaam een halve meter achter zich. Wanneer men iets verder van dat gebied stimuleert, kan men zijn eigen lichaam zien liggen vanuit vogelperspectief. Autoscopie heet dat, en het biedt altijd wel interessante gespreksstof tijdens de theevisite of het familiefeest: ‘Ik zag mezelf op de operatietafel liggen. Het was alsof mijn geest mijn lichaam had verlaten en boven de operatietafel zweefde’. Instemmend geknik boven schuddende theekopjes: er moet blijkbaar meer aan de hand zijn dan enkel maar wat interacties tussen zielloze elementaire deeltjes.

Wat de neurotheologie tot nu toe heeft aangetoond, is dat een 'god spot' in de hersenen niet bestaat. Het is beter om te spreken van een 'god-netwerk', waarbij verschillende hersengebieden instaan voor spirituele ervaringen of de menselijke neiging tot geloof.

En dan blijft de vraag: heeft god onze hersenen zo gemaakt dat we hem kunnen ervaren, of zijn onze religieuze ervaringen slechts een evolutionaire uitwas van onze hersenen die zo sociaal zijn dat ze uit eigen initiatief onzichtbare wezens creëren?


Geschreven in Religie | 3 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Seks en veroudering

24. Oktober 2009, 19:43

Dood en seks zijn intrinsiek met elkaar verweven. Hoe sneller een diersoort vruchtbaar is, hoe sneller die soort veroudert.

Dat is omdat lichamen slechts verpaksels zijn van de kostbare genen. Die genen gebruiken lichamen om via seks van het ene lichaam naar het andere over te springen, om zo onsterfelijk te worden in de tijd. Terwijl de lichamen zelf eigenlijk niet meer zijn dan wegwerpmateriaal dat niet meer nuttig is na de voortplantingsdaad.

Maar daar knelt het schoentje: in de natuur is er maar een beperkte hoeveelheid voedingsstoffen aanwezig, die zowel besteed moet worden aan het onderhoud van de lichamen (hoe beter een lichaam onderhouden wordt, hoe minder snel het verouderd), als aan al de moeite die het vergt om tot voortplanting te komen (balstsgedrag, mooie veren, vechten met rivalen voor een wijfje, etc).

Als dieren leven in een milieu waar veel rovers voorkomen, dan doen die er best aan om zich zo snel mogelijk voort te planten. Alle energie gaat dus naar de voortplanting, terwijl er minder energie overblijft voor het onderhouden van hun lichamen. Hierdoor verouderen deze dieren veel sneller. Bovendien hebben genen die maken dat deze dieren langer zouden leven, geen enkel evolutionair nut gezien ze in een vijandige omgeving leven. Een muis met een mutatie die ervoor zou zorgen dat ze twintig jaar oud wordt, heeft geen enkel extra voordeel gezien de meeste muizen na gemiddeld drie jaar opgegeten worden.

Het meest extreme voorbeeld van hoe evolutie de snelheid van veroudering kan bepalen, en hoe dit verweven is met voortplantingsgedrag, is de pacifische zalm. Deze zalm leeft in de Stille oceaan, en zal één keer in zijn leven terugzwemmen naar de rivier waarin hij geboren werd, en daar kuit schieten, om direct daarna te sterven. De reden hiervoor is dat de zalm zich maar één keer in zijn leven voortplant. Een mutatie die maakt dat hij langer zou leven (bv nog enkele jaren nadat hij kuit heeft geschoten), heeft geen enkel nut, omdat hij zich maar één keer voortplant en bovendien ook niet zorgt voor de nakomelingen. Daarom zorgde evolutie ervoor dat alle energie gaat naar die ene periode alvorens kuit te schieten. Met het resultaat dat de zalm daarna meteen sterft.

Bij iteropare soorten zoals de mens (die zich meerdere keren kunnen voortplanten) is dit effect gelukkig minder drastisch. Wij hebben ons lange leven te danken aan het feit dat het zo lang duurt alvorens kinderen geslachtsrijp zijn. En dat is op zijn beurt weer een gevolg omdat onze steeds toenemende (sociale) intelligentie maakte dat onze voorouders steeds langer in leven konden blijven, zodat genen die zorgen voor minder snelle veroudering ook hun invloed kunnen doen laten gelden.

Bovendien zorgen mensen-moeders heel goed voor hun kinderen, zodat het voordelen biedt dat zij ook minder snel verouderen en sterven. Dat verklaart mede waarom vrouwen gemiddeld ouder worden dan mannen (die meestal minder instaan voor de verzorging van hun kroost), en waarom er zoiets bestaat als een menopauze: oude vrouwen kunnen immers nog voor hun kleinkinderen zorgen. Een blijvende draaiende voortplantingscyclus gaat immers met veel energie lopen, en gezien een zwangerschap bij oudere vrouwen niet zonder risico is, heeft de natuur maar besloten om de vruchtbaarheid meteen kort te sluiten (via de menopauze), én om in wezen onvruchtbare vrouwen nog vele tientallen jaren te laten leven. Een heel verschil met die arme zalmen!

Geschreven in Evolutie | 0 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Darwins evolutietheorie is verkeerd!

12. Oktober 2009, 11:22

ArdiEen nieuwe vondst toont aan dat de evolutietheorie verkeerd is! Althans volgens de Arabische nieuwsdienst Al Jazeera.

Engelstalige blogs weten nog niet precies wat daar allemaal beweerd wordt, maar volgens de Arabische nieuwsdienst zou verder onderzoek naar Ardipithecus ramidus aantonen dat de evolutietheorie verkeerd is. Volstrekte onzin natuurlijk, en opvallend is dat er op de Engelstalige site van Al Jazeera geen enkele link is naar het wereldschokkende artikel.

Al Jazeera zou de CNN van het Midden Oosten zijn, de meest onafhankelijke en objectieve Arabische nieuwsdienst. Zo'n artikel zegt eigenlijk wat we allemaal al weten: dat Johan Braeckman nog véél werk gaat hebben.

Men kan al raden wat er gebeurd is: één of andere Al Jazeera journalist heeft gehoord van de recente publicatie over fossiele resten van 36 (!) Ardipithecus-individuen, die ongeveer 4,4 miljoen jaar geleden leefden. Uit dat onderzoek bleek dat de Ardipithecus veel minder gemeen heeft met een chimpansee van nu. Daaruit kan men twee besluiten trekken: dat sinds de laatste gemeenschappelijke voorouder van chimpansee en mens, die zo'n 7 miljoen jaar geleden leefde, onze voorouders veel sneller evolueerden dan gedacht, of dat deze oudste gemeenschappelijke voorouder toen veel minder leek op chimpansees van nu. Tenslotte hebben chimpansees er ook 7 miljoen jaar evolutie opzitten.

Om het met de woorden van de paleontoloog Alan Walker te zeggen:

"This find is far more important than Lucy. It shows that the last common ancestor with chimps didn't look like a chimp, or a human, or some funny thing in between."

Paleontologen zijn door het dolle heen, omdat dit een nieuw licht werpt op de evolutie van onze voorouders. Ook opvallend is dat de Ardipithecus zowel aanpassingen had om in bomen te leven, als om rechtop te lopen op de grond. Dat zou kunnen impliceren dat onze voorouders al rechtop liepen toen ze nog tussen en in de bomen leefden, en niet toen Oost-Afrika bezaaid was met savannevlaktes. Eén van de populaire theorien die het rechtop lopen wil verklaren, ging er immers van uit dat onze voorouders rechtop begonnen te lopen omdat de bomen verdwenen om plaats te maken voor savannevlaktes en ze dan wel verplicht waren om op de grond te leven.

Uiteraard konden sommige journalisten het niet laten om het publiek te misleiden en te schrijven dat de Ardipithecus vondsten Darwins evolutietheorie weerleggen. Chris Esparza van de Christian Living Examiner schrijft:

"The idea of the missing link is that somewhere way back when, there was a primate who almost seemed to be half monkey and half human, proving that there was at some point an evolutionary split. A recent discovery in Ethiopia disproves that theory."

De Ardipithecus is nu net een prachtvoorbeeld van een 'tussensoort' (die eigenlijk zoals altijd een volwaardige soort op zich is).

En een lezer van het artikel op Al Jazeera liet een mooie comment na:

"...the westerners seemed to return to their senses after having dealt with the origin of humanity in a materialistic way while denying what religion says."


Geschreven in Evolutie | 2 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Parasieten en u

04. Oktober 2009, 10:42

Arme kikkers in Californië worden geplaagd door parasieten:

 

De parasiet is de ankerworm, die via de kieuwen het kikkervisje binnendringt en dan ervoor zorgt dat ogen en ledematen zich niet naar behoren kunnen ontwikkelen.

Maar niet enkel kikkers hebben te lijden onder parasieten. De laatste jaren zijn bijenkolonies gedecimeerd door een vreemde parasiet die hun immuunsysteem lijkt aan te tasten. En ook mensen worden continu belaagd door parasieten, of het nu virussen, eencelligen organismen of schimmels zijn.

Iedereen draagt op zijn huid de schimmel Malassezia globosa mee, die wanneer het immuunsysteem verzwakt een wit-roze uitslag kan geven. Nagenoeg iedereen is besmet met het herpes virus, dat soms koortsblaasjes geeft bij vermoeidheid, maar dat meestal tientallen jaren ligt te soezen in de zenuwknopen van de gezichtszenuwen. Bijna iedereen is besmet met het cytomegalievirus (CMV), dat na vele tientallen jaren het immuunsysteem uitput, zodat bejaarde mensen kunnen overlijden aan een banaal griepje of een longontsteking.

En uiteraard zouden we bijna vergeten dat grote gedeeltes van ons DNA bestaan uit viraal DNA, dat zo erin slaagt al miljoenen jaren mee te liften. Er zijn wetenschappers die geloven dat heel wat genetische diversiteit is veroorzaakt door virussen, die stukken DNA van de ene soort overzetten naar de andere soort via infectie. Dus buiten de occasionele koortsblaasjes en jeukende schimmels kunnen parasieten toch nog voor iets nuttig zijn...



Geschreven in Geneeskunde | 0 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Waarom zijn er mannen en vrouwen?

28. September 2009, 11:51

Waarom zijn er mannen en vrouwen? Waarom bestaat al het complexe leven op deze planeet uit twee geslachten?

Het zou immers veel handiger zijn mocht er één geslacht zijn, zodat het aantal partners zou verdubbelen. Ook goed is dat er juist heel veel verschillende geslachten zouden zijn, zodat je je nagenoeg met iedereen kon voortplanten. Zo bestaat er een paddestoelsoort die 28 000 geslachten telt. De kans dat zo een paddenstoel iemand van hetzelfde geslacht tegenkomt is dan maar één op de 28 000.

Geen of heel veel geslachten lijkt het beste, maar twee geslachten, dat lijkt de minst goede oplossing van allemaal.De reden waarom er twee geslachten zijn valt te zoeken bij de mitochondriën.

De mitochondriën zijn de energiecentrales van de cel. In deze celonderdelen worden suikers en vetten verbrand om energie te creëren. Gemiddeld bevinden er zich enkele honderden mitochondriën in een cel. Ooit waren deze mitochondriën vrij levende bacteriën, maar zo’n twee miljard jaar geleden slikte een grote bacterie een kleinere bacterie op, die dan voor de grote bacterie energie ging produceren.

Mitochondriën worden van generatie op generatie doorgegeven via de eicel. Dat wil zeggen dat bij de bevruchting de mitochondriën in de mannelijke zaadcelrest buiten de eicel achterblijven, en dat de bevruchte eicel alle (moederlijke) mitochondriën bevat. Die bevruchte eicel gaat dan delen, en haar mitochondrien worden verdeeld over de dochtercellen waaruit een nieuw kind ontstaat.

En dat is de reden waarom er mannen en vrouwen zijn: bij de bevruchting mogen niet zowel de mitochondriën van de vader als die van de moeder in één cel samenkomen. Anders zouden de mitochondriën met elkaar in de kling geraken. Mitochondriën zijn immers oude bacteriën, en bevatten hun eigen DNA en kunnen zichzelf voortplanten.

Als de twee soorten mitochondriën in één cel zouden samenkomen (zoals bij de bevruchting), zou er selectie optreden. De mitochondriën die zich immers het snelst kunnen vermenigvuldigen, zullen van generatie op generatie overgaan. Het probleem is dat mitochondriën ook energie voor al onze cellen moeten produceren. Als er selectie optreedt op het niveau van snelheid van voortplanting, dan zouden mitochondriën zich steeds sneller gaan voortplanten (om van generatie op generatie kunnen over te springen), maar steeds minder goed energie produceren, wat slecht zou zijn voor het organisme.

Daarom dat de natuur ervoor heeft gekozen om geslachtscellen te differentiëren: kleine, behendige zaadcellen die maar enkele honderden mitochondriën bevatten (genoeg om de reis te maken van zaadbuis naar eicel), en gigantische eicellen, die honderdduizend mitochondriën bevatten. Deze moederlijke mitochondriën worden naar de volgende generatie doorgegeven.

De gevolgen zijn mannelijke en vrouwelijke toiletten op luchthavens, broeken en rokken en Barbies en Action Mans.



Geschreven in Evolutie | 4 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Een baby die niet ouder wordt

30. Juni 2009, 11:47

Brooke is een 16 jarige meisje dat er nog uitziet als een baby. Ze heeft een genetisch aandoening die haar verhindert te verouderen. Zoals vaak het geval is bij drastische genetische mutaties zijn er ook een heleboel andere afwijkingen zoals epileptische aanvallen, tumoren, beroertes, ademhalingsproblemen enzovoort. 

Er zijn ook aandoeningen die net het omgekeerde van een 'eeuwige jeugd' zijn: versnelde veroudering. 12-jarigen met de ziekte van Hutchinson-Gilford (progeria) zijn kaal, hebben artritis, dichtslippende bloedvaten, een gerimpelde huid en andere ouderdomskwalen. Vaak worden dit soort ziektes veroorzaakt door mutaties in eiwitten die zorgen voor de stabiliteit of de reparatie van het DNA. 

Het filmpje onderaan is van toen Brooke nog 12 jaar oud was: 

   



Geschreven in Geneeskunde | 1 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Is dementie onafwendbaar?

26. Juni 2009, 21:07

 

 

Vanaf 70 jaar verdubbelt elke vijf jaar de kans om dement te worden. 1 op 3 vijftentachtig plussers is dement. Dat is vrij verontrustend. Maar eerst en vooral: wat is dementie eigenlijk?

De drie belangrijkste oorzaken voor dementie zijn (in volgorde van voorkomen):

1. Alzheimer (omvat ruwweg 50 procent van de dementies)

2. Vasculaire dementie 

3. Diffuse Lewy Body Disease (DLBD). 

Vasculaire dementie en DLBD zouden ongeveer even veel voorkomen (elk rond de twintig procent volgens de laatste onderzoeken).

Alzheimer en DLBD zijn het gevolg van samenklonterende proteinen. Die proteineklonters stapelen zich op in en rond de zenuwcellen en verhinderen zo dat de cel nog zijn werk kan doen, zodat de zenuwcellen vervolgens afsterven. Bij Alzheimer klonteren in de cel vooral Tau-proteinen samen, die in normale toestand het celskelet van de zenuwcellen stabiliseren. Bovendien klonteren ook buiten de zenuwcellen eiwitten samen, die dan de zogenaamde Amyloid Beta plaques vormen.

Bij DLBD klonteren vooral eiwitten samen die een rol spelen bij het lossen van blaasjes doorheen de celwand en eiwitten die andere proteinen merken voor afbraak.

Nu kan u zich afvragen waarom die eiwitten zich opstapelen en samenklonteren. De oorzaak weet men nog niet. Men heeft het vermoeden dat de lysosomen in de hersencellen een grote rol spelen. Lysosomen zijn 'de magen' van de cel: zij verteren al het versleten celmateriaal.

En dan hebben we nog vasculaire dementie. Die duizenden kilometers aan bloedvaten die door onze hersenen lopen verstoppen langzaamaan naarmate we ouder worden. Zo kunnen in het brein overal mini-infarctjes ontstaan, die er dan voor zorgen dat mensen trager gaan denken en uiteindelijk dement worden.

De vraag is nu nog altijd: is dementie echt een ziekte, of een onafwendbaar gevolg van het ouder worden?

 

 

 



Geschreven in Geneeskunde | 1 Reacties | Vaste link | Afdrukken


Despondex: de toekomst

28. April 2009, 09:49

Aha, de anti-antidepressiva zijn eindelijk op de markt!

   

 

 



Geschreven in Vanalles | 0 Reacties | Vaste link | Afdrukken


1 2 3  Volgende»